Een transitievergoeding is een vergoeding die de werkgever aan de werknemer moet betalen bij ontslag van een werknemer. Deze vergoeding is enerzijds bedoeld als compensatie voor het ontslag en anderzijds is de vergoeding bedoeld om de transitie van werknemers naar een andere baan te vergemakkelijken.

De transitievergoeding bestaat uit 1/3 maandsalaris per gewerkt jaar (en naar rato voor het overige gedeelte van het dienstverband of als het dienstverband korter dan een jaar heeft geduurd).

Inmiddels zijn werkgevers en werknemers gewend aan het fenomeen Transitievergoeding. Op 1 januari 2020 vinden een aantal wijzigingen plaats. Welke?

  • De berekeningsmethode van de transitievergoeding verandert. Op dit moment ontstaat het recht op transitievergoeding pas na twee jaar arbeidsovereenkomst. Straks zal vanaf het begin van de arbeidsovereenkomst bij beëindiging recht op de transitievergoeding bestaan.
  • Voor de berekening van de transitievergoeding zal worden uitgegaan van het gehele dienstverband en niet meer worden afgerond op halve jaren.
  • De overgangsregeling voor werkgever met minder dan 25 werknemers vervalt met ingang van 1 januari 2020. Tot nu toe bestond de uitzondering dat zij in geval van een penibele financiële situatie de dienstjaren voor 1 mei 2013 niet hoeven mee te tellen bij de vaststelling van een tot het vergoeding. Deze uitzondering vervalt dus.
  • Voor werknemers van 50 jaren of ouder vervalt de tot nu toe gunstiger regeling omtrent de transitievergoeding.  Werknemers die bij een ontslag langer dan 10 jaar in dienst waren kregen een half maandsalaris aan vergoeding per half dienstjaar na hun 50e jaar, mits hun werkgever 25 of meer werknemers in dienst had. Vanaf 1 januari 2020 vervalt deze gunstiger regeling.

Wanneer is bij beëindiging van het dienstverband geen transitievergoeding verschuldigd?

  • In geval van beëindiging van een arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden. In de praktijk betaalt een werkgever doorgaans wel een bedrag om ervoor te zorgen dat de werknemer meewerkt aan de beëindiging van het dienstverband. Maar dat bedrag heet dan een ‘beëindigingsvergoeding’ en geen transitievergoeding.
  • In geval van ontslag op staande voet dan wel wanneer werknemer wordt ontslagen via de kantonrechter wegens ernstig verwijtbaar handelen.
  • Als een werknemer nog geen 18 jaar is en ten hoogste 12 uren per week werkte.
  • Bij ontslag in verband met het bereiken van de AOW gerechtigde of andere pensioengerechtigde leeftijd van de werknemer.
  • In geval van een faillissement van werkgever.
  • Als er afwijkende afspraken zijn gemaakt in een cao. Vanaf 1 januari 2020 kan ten nadele van de werknemer worden afgeweken van de transitievergoeding en is meer maatwerk mogelijk. Overigens kan alleen bij ontslag om bedrijfseconomische redenen bij cao worden afgeweken van de transitievergoeding.

Een werkgever mag de transitievergoeding in termijnen van maximaal zes maanden betalen als werkgever inzichtelijk maakt dat in één keer betalen van de vergoeding tot onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering leidt.

Hoe hoog is de vergoeding?
De maximale hoogte van de transitievergoeding is op dit moment €.81.000,00, behalve als de werknemer een jaarsalaris heeft hoger dan dit bedrag. Dan is de transitievergoeding dat jaarsalaris.

Op het bedrag dat moet worden betaald aan transitievergoeding kan een bedrag dat werkgever heeft geïnvesteerd voor transitiekosten en inzetbaarheidskosten in mindering worden gebracht. Daar kleven echter nogal wat voorwaarden aan, onder meer dat werknemer vooraf schriftelijke instemming moet hebben gegeven met het in mindering brengen van die kosten op zijn transitievergoeding. Behalve wanneer deze afspraken in een cao of met een OR zijn gemaakt.

Vanaf 1 april 2020 kan werkgever transitievergoedingen die zijn betaald bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid claimen bij het UWV.

Belangrijke extra mogelijkheid tot compensatie!

In de nieuwe wet is daarnaast bepaalt dat compensatie van de transitievergoeding onder voorwaarde voor kleine werkgevers mogelijk is als:

  • de werkgever vanwege pensionering zijn onderneming niet voortzet,
  • of als gevolg van ziekte of gebreken niet meer in staat is de onderneming voort te zetten.
  • Ook als de werkgever komt te overlijden en dit leidt tot bedrijfsbeëindiging kan de betaalde transitievergoeding voor compensatie in aanmerking komen.

Heeft u nog vragen? Bel me dan gerust.

Met vriendelijke groet,

Dennis Wouda